Ik kan niet snel fietsen. Nooit gekund en nooit gewild. Maar dat weerhoud me er niet van om snel de fiets te pakken. Dat doe ik dan wel weer snel.
We wonen in een dorp 'vastgegroeid' aan de grote stad. De boodschappen doe ik in het dorp maar voor belangrijkere zaken moet ik naar de stad. Dan spring ik op de fiets, gezond en stukken goedkoper dan de bus, trein of auto.
Ik fiets dus langzaam - dat heb zijn voor- en nadelen. Nadelen is de extra tijd en manlief die zich moet inhouden als hij meefietst. Voordeel - je ziet / hoort nog eens wat. Horde mensen halen me in.
Scholieren, zakenmensen, huisvrouwen etc.
Zo fietste er gisteren een stel mensen even achter mij en ik hoorde haar zeggen: "Gisteren heb ik een heel pakje kauwgum opgegeten". Toen ze me voorbij fietsten, zag ik tot mijn verbazing dat het geen scholieren dit keer waren, maar twee vrouwen van in de 30. Waarom ze zoveel kauwgum opat, was mij niet duidelijk. Misschien omdat ze met een nieuw kauwdieet was begonnen of met het roken was gestopt? Trouwens over roken gesproken. Ik vind het wel een beetje vreemd dat sommige al rokende fietsen of moet het zijn al fietsende roken. Die arme longen. Die snakken naar frisse lucht op de fiets, krijgen ze al die rook naar binnen als dank. Heel gezond dus . . . fietsen.
Ook de allochtone medemens is te vinden op de fiets. Laatst zag ik een vrouw van top tot teen helemaal bedekt, fietsen (goed geassimileerd) zonder te slingeren of te vallen. Petje af!
Mijn zoontje kwam laatst nog ten val omdat hij met zijn knie tegen de tussenstang aankwam. Brullen natuurlijk! Even getroost, weer op de fiets gezet en hup daar ging hij weer, nasnotterend van de schrik.
Enfin gisteren op de terugweg kwam ik langs een druk kruispunt. Daar stond midden op de weg een grote, jonge zwaan. En echt een grote zwaan!
Maar ja, dat kon niet, veels te druk. Dus ik van de fiets.
Zo'n zwaan kan flink schade veroorzaken, dus ik heel voorzichtig probeerde hem weg te lokken.
Algauw kreeg ik hulp. Uit onverwachte hoek.
Een dakloze met een blikje in zijn hand zei met luide stem: "Ik ben niet bang, laat mij maar". Al pratende alsof hij het tegen een mens had, leidde hij het beest naar de kant toe. Met succes.
"Ik ben niet bang", zei hij nog een keer. "Ik slaap altijd tussen de zwanen in! Goede reis nog!"
De aanwezige mensen stonden erbij en keek ernaar.
Namens mij dus bedankt voor het redden van de zwaan.
Geen opmerkingen:
Een reactie posten